‘Smart Industry vraagt om slim onderwijs’

75

Het zou zomaar kunnen dat een student van het Techniek College Rotterdam over een x-aantal jaren tijdens zijn of haar diploma-uitreiking naar huis gaat met verschillende certificaten die elkaar aanvullen. Waarom zou het immers altijd een vastomlijnde route moeten zijn, met een standaard einddiploma als resultaat? Directeur Henrik Stevens opteert voor flexibilisering en het modulair maken van het mbo-onderwijs. 

Om zijn visie kracht bij te zetten, krijgt het bezoek van Rijnmond Business een kort filmpje voorgeschoteld. We zien mensen die een kamer in worden gestuurd met de opdracht een nootje uit een langwerpige, doorzichtige koker te halen. Belemmerende factor: de koker zit vast aan de tafel. Wrikken, schudden, blazen: niets heeft effect. Dan krijgt een aap met dezelfde uitdaging te maken. We zien het beest water in de koker doen, waardoor het nootje boven komt drijven. Geen van de mensen had de fles water, opgesteld achter hun rug, gezien. De achterliggende boodschap: ‘Leren we wel de juiste dingen op school?’ De video zette Stevens aan het denken. “Lateraal denken gebeurt nog veel te weinig. Terwijl het daar, juist ook met de ontwikkelingen rondom Smart Industry, wel over moet gaan. Alles staat met elkaar in verbinding. Dat biedt veel mogelijkheden, mits je begrijpt hoe bestaande informatie om te zetten in nieuwe informatie.”

Vaardigheden ontwikkelen

Het Techniek College Rotterdam, een samenwerkingsschool van het Albeda en Zadkine, neemt zelf het voortouw. “Als school denken wij ook in verbindingen en vernieuwingen. We zijn zelf ook een lerende organisatie. Alleen zo scheppen wij de voorwaarden om onze studenten wegwijs te maken in de moderne wereld. De tijd dat iemand 40 jaar voor dezelfde baas werkte en gedurende die periode precies hetzelfde werk uitvoerde, is definitief voorbij. Het is nu een kwestie van een leven lang leren. Dat houdt niet op bij een diploma-uitreiking. Hoe blijf je fit for the job? Die vraag staat centraal.” Het Techniek College Rotterdam ontwikkelde verschillende speerpunten die moeten bijdragen aan de versterking van de technieksector in de regio Rotterdam. Dat begint dus met de vaardigheden van de studenten die afstuderen. “De basis van de verschillende opleidingen kan breder. Kennis en inzichten kun je ook opdoen in de praktijk, maar de eerste theorie en vaardigheden moet je ontwikkelen op school. Daar zetten we flink op in. Creativiteit, sociale eigenschappen, een goede grondhouding: dat bepaalt voor een groot deel hoe succesvol je gaat zijn op de arbeidsmarkt van de 21e eeuw. Mijn opa zei altijd tegen mij: ‘Ik heb meer ontzag voor een lachende vuilnisman, dan voor een chag-rijnige directeur.’ In een tijdperk van Smart Industry, waar de maakindustrie en ICT samenkomen, is een prettig en professioneel voorkomen belangrijker dan ooit. De menselijke maat, respect tonen voor anderen, een goede mentaliteit: daarmee maak je het verschil. Dat je weet hoe je een machine moet bedienen, is ook relevant, maar dat kan een robot straks ook. Onderscheidend zijn op andere vlakken is daarom het devies. Dat beseffen wij ons binnen het Techniek College Rotterdam maar al te goed. Smart Industry vraagt om slim onderwijs.”

‘Leren is leuk, maar ook altijd een beetje pijnlijk’

Het bedrijfsleven speelt daar ook een belangrijke rol in. “Samen bundelen we de krachten om het onderwijs op de juiste manier vorm te geven. We leren elkaars werelden steeds beter kennen. Ondernemers geven gastcolleges op school, tijdens stages van studenten is er intensief contact en docenten gaan op bedrijfsbezoek om te oriënteren wat de wensen zijn. Die informatie vertalen we in een passend plan van aanpak. Leren is aan de ene kant leuk, want je wordt er wijzer van. Aan de andere kant is leren ook een ietwat pijnlijk proces. Je krijgt namelijk ook te maken met je eigen beperkingen. Dat is soms lastig te accepteren. Maar leren is als een ontdekkingsreis, waarin je fouten mag maken. Dat besef moet er zijn.”

Plant of the Future

In feite is er weinig verschil tussen de jongeren van nu en die van 100 jaar geleden, denkt Stevens. “Het grootste onderscheid is dat de jeugd anno 2018 veel meer afleidingsmogelijkheden heeft, met name digitaal. Ze noemen het niet voor niets de ‘HD (head down) generatie’. Onze grootste groep studenten zijn tussen de 16 en 20 jaar. Als Techniek College Rotterdam hebben we ook een steeds grotere pedagogische en didactische rol. Dat vergt ook een andere aanpak met andere methodieken van onze docenten. De examencommissie, beroepspraktijkvorming, kwaliteitsvorming: het is allemaal in beweging. We moeten het goede voorbeeld geven, passend bij de vaardigheden die de 21ste eeuw van ons vragen. Modulair denken staat daarbij centraal.” De komende jaren staan voor het Techniek College Rotterdam in het teken van de ingezette koers verstevigen. “Het project ‘Plant of the Future’ wil ik niet onbenoemd laten. Hierbij werken onderwijs en bedrijven uit de regio mee aan de fabriek van de toekomst, die wordt gerealiseerd bij het Scheepvaart en Transport College in Brielle en in verbinding staat met de docenten en faciliteiten van Techniek College Rotterdam op de RDM. Studenten en docenten gaan binnen de fabriek aan de slag met leren over en ervaren van voorspellend onderhoud en excellent presterende procesinstallaties. Daarmee zijn studenten nog beter voorbereid op hun toekomstige baan. Ook zijn wij met partijen in gesprek over de mogelijkheid een expertisecentrum gericht op de fijnmetaal naar Rotterdam te halen. Die gesprekken bevinden zich nog in een verkennende fase. Het is nog pril, maar wie weet waar het toe leidt. Regeren is vooruitzien. In de technieksector misschien wel het allermeest.”

Deel dit artikel: