Overig

Veiligheid en vakmanschap speerpunten van scheepswerf Slob

545

Superstrakke casco’s bouwen; daar staat scheepswerf Slob om bekend. Het vakmanschap van de medewerkers en de goede faciliteiten zorgen ervoor dat het bedrijf de allerhoogste kwaliteit kan garanderen. Dat geldt zowel voor het bouwen van casco’s voor megajachten als voor de commerciële bouw. Volgens algemeen directeur Astrid Kee en operationeel directeur Arjen Dekker is het onderscheidend vermogen van scheepswerf Slob op vele fronten aanwezig.

Het bedrijf werd in 1947 opgericht als Lasbedrijf J.C. Slob en had toen Slie-drecht als vestigingsplaats. Vanwege flinke groei werd begin jaren ’60 een stuk grond aangekocht aan de Ketelhaven in Papen-drecht. Scheepswerf Slob beschikte ruim 20 jaar over twee locaties, totdat in 1983 het besluit viel om alle productiewerkzaamheden in Papendrecht uit te voeren. “We hebben hier alles onder één dak,” legt Dekker uit. “Er is een eigen voorbewerkingsafdeling, voormontage- en sectiehallen, een bankwerkerij en een overdekte scheepshelling. Daarnaast beschikken we over een eigen tekenkamer en werkvoorbereiding en is begin 2009 vlak buiten de werf een ruime pijpenwerkplaats geopend.” De hoofdmoot vormt het bouwen van casco’s voor megajachten tussen de 40 en 100 meter. “Wanneer je in de binnenvaartbranche de naam Slob laat vallen, associeert men dat direct met topklasse. Dat is iets wat we in de loop der jaren hebben afgedwongen en tot op de dag van vandaag voortzetten. Wij staan zo goed bekend vanwege het vakmanschap van onze medewerkers en onze gedegen opleidingsfilosofie,” aldus Kee. Scheepswerf Slob is een erkend leerbedrijf en biedt leerlingen die een BBL 2 opleiding in de richting metaal, pijpfitten of lassen volgen, de mogelijkheid om werken en leren te combineren. “Er is sowieso veel contact met het onderwijswezen. Ik vind het een taak van een bedrijf om te investeren in jongeren. Uiteindelijk is dat zelfs noodzakelijk om als organisatie en branche te overleven. Wij zetten er breed op in om jongeren voor scheepswerf Slob, en breder voor de gehele scheepsbouwsector, te enthousiasmeren, van VMBO’ers tot universiteitsstudenten.” Het imago van werken in de technieksector is niet altijd even goed. Onterecht, volgens Kee. “De gedachte dat het zwaar en vies werk is, klopt voor banen bij een scheepswerf vaak niet. Wij werken met staal en dat heeft zoveel gewicht, dat machines het voor je tillen. Zelf ben je dus niet aan het sjouwen. En vies werk kun je de jachtbouw ook niet noemen. Het is niet te vergelijken met bijvoorbeeld offshore.”

Veelzijdig personeel

Een opgeruimd bedrijf; dat is scheepswerf Slob ook letterlijk. Dekker: “Veiligheid gaat voor alles. We investeren veel in cursussen, toolboxen, lasdampafzuiging en hameren erop dat gereedschap scherp en up-to-date is. En zelf geven we het goede voorbeeld, door altijd met een helm en veiligheidsschoenen de werkplaats te betreden.” Bij scheepswerf Slob werken ongeveer 120 medewerkers. Ondanks dat aantal zijn de lijnen binnen het bedrijf toch altijd kort. “Afbouwwerven kennen ons als een betrouwbare leverancier. Wij bouwen strakke casco’s, maar een strakke planning is minstens zo belangrijk. Door te investeren in een planningspakket zijn we de laatste jaren nog gestroomlijnder gaan werken. Het pakket is echter een middel, de invoering en uitvoering komt door het continu in gesprek zijn van bazen en hun medewerkers. De medewerkers maken immers het bedrijf en wij als directie hebben de taak om alles zo goed mogelijk te faciliteren. Daarom werken wij binnen alle geledingen proactief samen. Het gevolg is dat we

tegenwoordig in staat zijn om in minder uren te bouwen dan voorheen, de doorlooptijd is korter geworden.” Elk megajacht wat op de scheepswerf wordt gebouwd, is 100 procent custom made. Kee: “We maken nooit twee keer hetzelfde product. Op elke uitgevoerde opdracht ben ik even trots. Het zijn unieke producten, stuk voor stuk juweeltjes. Waar ik echter het meest blij mee ben, is de veelzijdigheid van het personeel. Zij maken het allemaal mogelijk. Een grote groep is ook bereid om hun kennis te verbreden. Pijpfitters zijn bijvoorbeeld moeilijk te werven op de arbeidsmarkt. Toen we daarom opperden om een interne pijpfitterscursus te organiseren voor eigen personeel, reageerden vijftien medewerkers enthousiast. Het valt enorm te prijzen dat zij de waarde ervan inzien om hun kennis te verbreden.” De economische crisis gaat ook niet aan scheepswerf Slob voorbij, maar het is niet zo dat het werk is stil komen te liggen. Gebouwd wordt er echt nog wel. Dekker: “Op het moment zijn we bezig met een schip van 86 meter en één van 46 meter. Met twee schepen is er werk genoeg voor ons eigen personeel. Zowel voor als na 2008 is onze orderportefeuille goed gevuld, maar er zijn wel verschillen. Voor de crisis uitbrak, kon het bijna niet op. Toen was er een doorlopende stroom aan opdrachten, terwijl er nu soms een paar maanden tussen zit. Toch ziet het er voor de komende tijd goed uit. In december gaan we weer aan de slag met een casco van 46 meter en worden er ook nog wat kleinere schepen gebouwd.” De toekomst zien Dekker en Kee dan ook zonnig in. “Sinds 2002 maken wij deel uit van Koninklijke De Vries Scheepsbouw. Die samenwerking bevalt goed, evenals met andere partijen. Het is onze bedoeling om binnen afzienbare termijn nog nauwer te gaan samenwerken met de afdeling dekhuizen van Akerboom uit Ridderkerk. Zij leveren aluminium dekhuizen en wij hebben voor ogen om gezamenlijk aluminium casco’s te bouwen. Dat is ook weer mogelijk vanwege de veelzijdigheid van onze medewerkers. Velen kunnen niet alleen met staal overweg, maar ook met aluminium. Het zou dus een win-win situatie voor alle partijen zijn om die kwaliteiten ook tot wasdom te laten komen.”