Overig

Alleen ingrijpende update kan winkelstraten redden

450

Het gaat langzaam maar zeker beter met de noodlijdende winkelgebieden in de Rotterdamse regio. De Schiedamse Hoogstraat is al aan een tweede leven begonnen. Dat bleek tijdens de studiemiddag van de stadsregio Rotterdam op 11 september.

De ontwikkelingen in de retail gaan heel snel. In de stadsregio worden de sterke winkelgebieden steeds sterker en de zwakke broeders steeds zwakker. ´De oude logica van de hiërarchie van groot-middel-klein verzorgingsgebied is zoek´, aldus Paul Meijer, hoofd Economie en Ruimtelijke Ordening van de stadsregio, die de studiemiddag opende. ´De hiërarchie wordt platter. Winkelgebieden moeten zichzelf opnieuw uitvinden om zich te onderscheiden,´ voegde winkelspecialist en adviseur Wim van Veelen eraan toe. ´Ze verliezen binding met de omwonenden en moeten op zoek naar klanten van buiten.´ Van Veelen kan het weten want hij hielp verschillende noodlijdende winkelstraten bij die zoektocht.

Verkleuring
De leegstandscijfers van Rijnmond als geheel lopen aardig in de pas met het landelijk gemiddelde, maar binnen de regio zijn er grote verschillen. De Schiedamse Hoogstraat geldt al een paar jaar met een leegstand à 50 van de 143 panden als de meest beklagenswaardige winkelstraat in de wijde omtrek, terwijl het centrum van Rotterdam een continue, stevige groei laat zien. De Detailhandelsmonitor 2014, die Bureau DTNP in opdracht van de stadsregio presenteerde, spreekt bovendien van een ‘verkleuring’: winkelstraten verliezen langzaam maar zeker winkels, terwijl het aantal leisure- en horecabedrijven er toeneemt. ´En dan maken we even geen onderscheid tussen de zoveelste shoarmazaak en een hoogwaardig restaurant´, aldus Karel Trommelen van DTNP. Verder loopt het aantal dienstverlenende bedrijfjes, zoals de schoenmakerij en rijwielhersteller, sterk terug. Bovendien krijgt het winkelbestand een meer discountachtig karakter.

De leegstand neemt toe, de huurprijzen zakken en dat zal nog wel even zo blijven doorgaan. Is de verkleuring te stoppen of te sturen? Trommelen: ´Laten we zeggen dat het niet vanzelf goed komt met de winkelstraten. Toch hoor ik sommige gemeenten nog steeds zeggen: “Het centrum is iets van de ondernemers, dat moeten ze zelf maar goed krijgen.” Tja, alleen kunnen ze dat dus niet.´

Customization
Internet wordt doorgaans gezien als de grote boosdoener: het houdt het winkelend publiek van de straat. En wie nog de gang naar de speciaalzaak maakt, heeft thuis online al veel voorwerk gedaan: hij winkelt veel korter dan vroeger.

Daarnaast zijn er volgens Ceel Elemans, sectormanager Public Sector bij ING, nóg andere factoren die het moderne winkelgedrag bepalen: de groeiende 24/7-cultuur en de ´customization´: klanten willen hun persoonlijke wensen vertaald zien in producten.

Elemans denkt dat ondernemers flexibiliteit aan de dag moeten leggen zowel als het om hun assortiment gaat als om de huurovereenkomst die ze sluiten. Dat is nodig om snel te kunnen inspelen op wat de klanten willen. Elemans: ´Maar ook de vastgoedeigenaars moeten in beweging komen: zij moeten samen met de ondernemers blijven nadenken over hoe de winkelstraat zich kan onderscheiden. Niet blind gaan voor de hoogste huur, maar juist een zorgvuldige samenstelling van het winkelaanbod bewaken.´

Gemeenten kunnen de rol van regisseur op zich nemen. ´Een gemeentelijke visie, een actieplan en handhaving van wat daarin staat kan een flinke steun in de rug zijn. Gemeenten kunnen als geen ander partijen bij elkaar brengen.´ Elemans maakt zich wel een beetje zorgen: ´Ik heb het idee dat er bij overheden toch nog te weinig sense of urgency is.´

Hoogstraat
Schiedam moet van ver komen. Met name de Hoogstraat. Ooit kon je er over de hoofden lopen, dat lukt niet meer. ´We voerden tot voor kort elk lijstje over leegstand aan´, vertelt wethouder Marcel Houtkamp. ´Het is een lastige straat: langgerekt, met veel winkels in de aanloopstraten, het eigendom is zeer versnipperd, de winkelpandjes zijn klein. En de koopkracht in de wijken rond het centrum is laag.´ De gemeente heeft in haar Stadsvisie 2030 ingezet op versterking van de binnenstad. Ze gaat het museumkwartier herkenbaarder maken, onder meer met afwijkende bestrating, monumentale panden sneller restaureren en ze wil meer mensen in de binnenstad laten wonen.

Renovatie en herbestemming van winkelpanden heeft er inmiddels toe geleid dat er honderd woningen aan de straat zijn toegevoegd, goed voor tweehonderd nieuwe bewoners. Op de studiedag lieten architect Marco Henssen en adviesbureau Seinpost zien hoe je kunt wonen in voormalige winkelpanden. Vrijwel elke winkel is te verbouwen tot een prettige woonruimte, de regelgeving is lang niet zo rigide als wordt gedacht en er zijn genoeg mensen die graag in zo´n pand willen wonen: ouderen die op de begane grond willen wonen, starters die in de binnenstad willen blijven wonen en niet te vergeten zzp-ers die wonen en werken willen combineren.

Winkelmeiden
Terug naar de Hoogstraat: het noordelijke deel heeft de gemengde bestemming wonen en retail gekregen. Het middengedeelte is omgedoopt tot Museumkwartier en het zuidelijke deel is bedoeld voor grootschalige winkels. Dit begint vruchten af te werpen: minder verloederde pandjes en meer levendigheid.

Een van de drijvende krachten achter het kerende tij in Schiedam is Janet van Huissstede, een communicatieadviseur die met haar initiatief De Winkelmeiden een nieuwe koers vaart. Zij werd vijf jaar geleden door de gemeente uitgenodigd om mee te schrijven aan de Stadsvisie. ´Daarbij kwam steeds maar die Hoogstraat ter sprake; het was mij snel duidelijk dat de conditie van de straat iedere Schiedammer aan het hart gaat.´

Van Huisstede wilde het tij van twee kanten proberen te keren. Ten eerste begon ze startende winkeliers te begeleiden, niet alleen met het zoeken naar geschikte ruimte, maar ook met hun PR, de inrichting van hun winkel, de ontwikkeling van een huisstijl en zelfs het werven van personeel, onder meer via het Vrijwilligers Steunpunt.

Acupunctuur
Daarnaast ging ze in gesprek met vastgoedeigenaren om onorthodoxe huurovereenkomsten bespreekbaar te maken. ´Het gaat vooral om tijdelijke gebruiksovereenkomsten om niet, in aanloop naar een reguliere huurovereenkomst. Eigenaren moeten even wennen aan het idee dat ze hun vastgoed een tijdje gratis ter beschikking stellen, maar het werkt echt. De helft van de gebruikers blijft en tekent na verloop van tijd een reguliere huurovereenkomst.’

Wat het vrijwillige winkelpersoneel betreft: inmiddels zijn drie van de tien vrijwilligers in vaste, betaalde dienst. De Winkelmeiden heeft ook alternatieven opgeleverd om de leegstand te vullen, zoals workshops en tijdelijke showrooms. Van Huisstede heeft een bijzondere bron aangeboord: tweehonderd studenten van de Willem de Kooning Academie denken met De Winkelmeiden mee over onconventionele manieren om de leegstand te bestrijden. ´Misschien is de aanpak een vorm van acupunctuur, maar de Hoogstraat zie je met de dag opknappen.´

Samenwerking tussen overheid, de vastgoedsector en de retail, bezinning op de vraag waarin een winkelgebied zich wil onderscheiden, onorthodoxe maatregelen en soms, hoe hard ook, het wegbestemmen van winkelfuncties: er zijn veel manieren om door leegstand geteisterde winkelgebieden er weer bovenop te helpen. Dat was de boodschap van de studiemiddag. Er blijven altijd onzekerheden, maar eén ding is zeker: het zal nooit meer worden als vroeger. Alleen de winkelstraat van de 21e eeuw heeft toekomst.